Communicatie

Woorden én daden

 Bij communicatie wordt informatie met elkaar gedeeld door middel van geluid (zoals bij spraak en toon) en vorm (zoals beeld, symboliek en tekst). Het contact omvat ook handelingen want door gedrag worden eindeloos veel betekenissen kenbaar gemaakt. De impact van (on–)bewuste daden kan heel groot zijn bij betekenistoekenning: non-verbale communicatie kan zelfs de doorslag geven boven doelbewust gekozen woorden en symboliek. Denk aan de (on–)geloofwaardigheid van een gesprekspartner die beweert dat hij niet nerveus is, maar wel zweet en trilt. Gedrag moet hier ruim worden uitgelegd: zo kunnen architecten door middel van een bouwwerk mensen imponeren of juist op hun gemak stellen. De keuze voor de plaats en de gebruikte beweging of stijl, geweld, mode, muziek en mimiek zijn slechts enkele voorbeelden die met communicatief handelen c.q. gedrag te maken hebben. Ook door geur, warmte, licht, kleur, intonatie, smaak en zelfs door pauzes of door te zwijgen kan men betekenissen versturen en indrukken verkrijgen. Omdat er niet zoiets bestaat als anti-gedrag, is het onmogelijk om niet te communiceren, stelde de psycholoog Watzlawick vast.

Specifieke kenmerken van het communicatieproces

Communicatie is een circulair proces waarin gemakkelijk misverstanden ontstaan. De vijf axioma’s van Paul Watzlawick kunnen helpen dit complexe proces te begrijpen:

  1. Het is onmogelijk om niét te communiceren: alle gedrag is communicatie, ook wie onverschillig is of elke betrokkenheid ontkent, bedrijft hiermee communicatie (wegkijken, niets terugzeggen).
  2. Elke communicatie omvat een inhouds- en een betrekkingsniveau: wat er overkomt wordt beïnvloed door de relatie.
  3. Elke communicatie is afhankelijk van de interpretatie van gebeurtenissen: als partijen oorzaak en gevolg van elkaars interactie verschillend uitleggen (“Nee, jíj begon ermee”).
  4. Mensen communiceren zowel digitaal (via cijfers, letters, woorden en taal) maar ook analoog (zoals via toonzetting, stijl en gebaren).
  5. Elke communicatie is symmetrisch of complementair (aanvullend): men is uit op gelijkheid of men benadrukt juist verschillen (machtsverschil).

Andere aspecten

De essentie van communicatie is dat een of meer zenders en ontvangers binnen een zekere tijdsduur geregeld van rol wisselen en daarbij betekenissen aan elkaar overdragen. Communicatie kan bewust en onbewust of subliminaal verlopen; het gaat om beurtelings zenden en ontvangen. Dit informatieverkeer draait in wetenschappelijke modellen (die doorgaans voortborduren op het wiskundige werk van Shannon en Weaver) om de boodschap. Soms wordt ook het beoogde of bereikte effect in zo’n model tot uitdrukking gebracht. Het contact verloopt via een kanaal, een technisch medium (zoals een website of tamtam), intermenselijk (face-to-face, zoals bij praten, dansen of zoenen) of via een intermediair (een derde persoon zoals een tolk of bemiddelaar). Van onrechtstreekse communicatie kan ook sprake zijn als de communicatie in twee of meer stappen verloopt, bijvoorbeeld via opinieleiders.

Informeren en communiceren

De visualisatie van een poging tot informatieverstrekking. Links de (af)zender, rechts een mogelijke ontvanger. Er is (nog) geen feedback.

Kenmerk van het contact bij communicatie is de twee- of meerzijdigheid ervan. Op bijvoorbeeld een aanleiding volgt een vraag, een antwoord, er komt een tegenreactie, enzovoort. De reactie kan van een eenling komen, maar ook van een publiek. De communicatie eindigt als de wisselwerking stopt. Zolang er sprake is van (een poging tot) eenrichtingsverkeer dan noemen we het doorgaans informeren. De meeste boodschappen die worden verstuurd of uitgezonden komen nooit aan. Gegevens veranderen pas in informatie zodra ze zijn geïnterpreteerd. Een onbegrijpelijk bord bevat weliswaar signalen, maar als die betekenisloos zijn, is er geen sprake van informatieverwerking. Alleen in theorie is het negeren van informatie een communicatie-effect.